8 feiten over borstkanker

Soms hoor je dingen over borstkanker dat je denkt: is dat nu waar of niet? Daarom even deze 8 feiten op een rijtje...

Later kinderen krijgen vergroot de kans - Hoe later vrouwen hun eerste eigen kind krijgen, hoe groter de kans op borstkanker. Maar dit is natuurlijk van meerdere omstandigheden afhankelijk en niet altijd te beïnvloeden.

Regelmatig bewegen verkleint de kans - Vrouwen die regelmatig lichamelijk actief zijn, verlagen hun kans op borstkanker. Het gaat daarbij niet alleen om sporten, maar ook om alledaagse lichamelijke activiteiten zoals fietsen, tuinieren, huishoudklusjes en activiteiten op het werk.

Vroeg ontdekken geeft meer kans op succesvolle behandeling - Daarom is het belangrijk om met klachten of symptomen naar de huisarts te gaan!

Overgewicht na de overgang verhoogt de kans - Uit onderzoek blijkt dat overgewicht na de overgang gepaard gaat met een hogere kans op borstkanker. Voor de overgang hebben vrouwen met overgewicht geen verhoogd risico op borstkanker.

Hormonen tegen overgangsklachten geven risico - Hormonen tegen overgangsklachten die langer dan 2 of 3 jaar gebruikt worden, verhogen de kans op borstkanker. Het risico neemt af wanneer gestopt wordt met het gebruik ervan.

Een knobbeltje in de borst is de meest voorkomende verandering - Vaak is een knobbeltje een onschuldige afwijking, vooral bij jonge vrouwen. Het voelen van een knobbeltje is wel een reden om naar de arts te gaan.

Minder alcohol verkleint de kans - Een vrouw die over een langere periode dagelijks meer dan 1 glas alcoholische drank nuttigt, verhoogt haar kans op borstkanker met 7 tot 9 procent. Aangeraden wordt om gemiddeld niet meer dan 1 glas alcohol per dag te drinken.

Het slikken van de pil verhoogt de kans - Dit klopt inderdaad, maar het risico is klein. Het percentage wordt namelijk licht verhoogd en neemt weer af na het stoppen met de pil.