De hulp? Steeds meer, steeds beter

Het borstkankeronderzoek staat niet stil. Vrouwen met borstkanker genieten van de vooruitgang die (elke dag nog) geboekt wordt, met als resultaat een genezingskans van om en bij de 90%. Een blik op wat deze positieve evolutie inhoudt. 

"De grootste revolutie in de behandeling van borstkanker is het ontstaan van de borstklinieken en hun multidisciplinaire aanpak", zegt Anne-Pascale Schillings, radioloog-senoloog aan de borstkliniek Saint-Pierre in Ottignies (Waals-Brabant). "Elk geval wordt door het volledige team besproken, alle specialisten brengen hun kennis samen om voor elke patiënt de meest precieze diagnose te stellen en de beste behandeling te bepalen. Elke patiënt geniet, door het Kankerplan, ook van een aanzienlijke psychosociale opvang: de coördinerend verpleegkundige is een bevoorrecht aanspreekpersoon, die de planning van de afspraken regelt, je bijstaat bij de verschillende behandelingen en altijd aanspreekbaar is voor vragen. De psycholoog kan hulp bieden op het moment dat de diagnose meegedeeld wordt. De patiënt staat dus centraal. Hoe belangrijk de technische vooruitgang ook is, ze mag nooit de menselijke kant overschaduwen!"

Oncologie is fundamenteel aan het veranderen: we focussen niet meer alleen op de ziekte, maar op de vrouw in haar totaliteit.

De diagnose: tot in de puntjes

  • De mammografie blijft de meest doeltreffende manier om borstkanker op te sporen. Maar dankzij de gedigitaliseerde mammografie, waardoor de beelden uitvergroot, de contrasten scherper en er op de verdachte zones ingezoomd kan worden, wordt de diagnose nog betrouwbaarder.
    "Met deze techniek kunnen we ook beelden bewaren," zegt dr. Schillings, "waardoor oude beelden automatisch vergeleken kunnen worden met nieuwe. Zo kan een zeer minieme verandering soms wijzen op een beginnende kanker."
  • Een andere nieuwe, nog niet algemeen gangbare maar zeer belovende techniek, is de 3D-mammografie of tomosynthese. "Hierdoor wordt de borst gescand en - uiteraard virtueel! - in dunne schijfjes van 1 mm gesneden. Daardoor wordt het voornaamste nadeel van de klassieke mammografie gecounterd: de opeenstapeling van de beelden, waardoor een borstcarcinoom verdoezeld kan worden, zeker als het nog klein is, of een vals positief resultaat kan ontstaan: je ziet een knobbeltje in de borst dat eigenlijk een opeenstapeling is van twee klieren."
  • Een nieuw en krachtig middel dat aangewend kan worden als er twijfel rijst bij de voorgaande onderzoeken, is de angio-mammografie. Die linkt de numerieke mammografie aan een intravasculaire toediening van een jodiumhoudend contrastmiddel. "De bedoeling is om sterk doorbloed weefsel te kunnen opsporen", legt dr. Schillings uit. "De ontwikkeling van een tumor doet namelijk ook nieuwe bloedvaten ontstaan, de angiogenese. Als een stuk weefsel in je borst abnormaal rijk is aan bloedvaatjes, vermoeden we daar een ontluikende kanker."

"Met een druk op de knop kunnen we meteen zien of een knobbeltje goed- of kwaadaardig is."

Echografie met een kleurtje

  • Het gebruik van een echografie, aanvullend op de mammografie, bij een afwijkend beeld of als het borstweefsel te dicht is, is niet nieuw. "Maar de machines zijn wel geperfectioneerd", zegt Dr. Schillings. "Dankzij de ultrasone sonde kunnen we nu zelfs kleine afwijkingen van 3 à 4 mm detecteren!"
  • Ook kan elastografie, een techniek waardoor op afstand de elasticiteit van weefsel gemeten kan worden, de diagnose nog verder verfijnen. "Zien we op een echografie een knobbeltje in de borst, dan hoeven we maar op een knop te drukken om dat knobbeltje rood of blauw te laten kleuren. Blauw betekent dat het bolletje soepel is en dus goedaardig. Rood betekent dat het hard is en dus mogelijk kwaadaardig. Zonder honderd procent betrouwbaar te zijn, vergemakkelijkt deze kleuring toch de beslissing om al dan niet over te gaan tot een biopsie."

MRI: licht aan het eind van de tunnel

Net als de angio-mammografie analyseert de MRI (magnetic resonance imagining) de aders en bloedvaten van de borst, om de vorming van nieuwe bloedvaten op te sporen. Ook voor deze methode is dus de inspuiting van een jodiumhoudend contrastmiddel nodig. Een indrukwekkend onderzoek - in ieder geval voor mensen die lijden aan claustrofobie en zich nooit echt op hun gemak voelen in zo'n tunnel - maar wel pijnloos. De MRI vervangt de mammografie of echografie niet, maar geeft aanvullende informatie op de klassieke screening, vooral in de volgende gevallen: "Bij de evaluatie net voor de operatie kunnen we zo de tumor in drie dimensies zien en ons ervan verzekeren dat er in de borst geen andere, kleine letsels zijn die we met de mammo en echo over het hoofd hebben gezien, én bij vrouwen die het borstkankergen dragen en dus een intensievere screening nodig hebben."

Geen pijn bij de biopsie

Om met zekerheid borstkanker te kunnen vaststellen, moet het verdachte weefsel onder een microscoop onderzocht worden, waarvoor eerst een biopsie moet worden gedaan. "Zowel microbiopsieën (met stukjes weefsel ter grootte van vermicelli) als macrobiopsieën (met weefsels ter grootte van macaroni) kunnen nu pijnloos worden toegepast", drukt dr. Schillings erop.

"Voor het ontnemen van kleine stukjes weefsel wordt de huid eerst verdoofd met een ijsspray en daarna met een lokale verdoving. Voor grotere stukjes weefsel wordt, bovenop de lokale verdoving, nog bij elk stukje weefsel dat weggenomen wordt automatisch extra verdoving toegediend. Een biopsie is nooit een aangenaam gebeuren, maar een foltering is het niet meer."

"Opvallend doorbloed weefsel kan het ontstaan van een tumor verraden. Ook dat kunnen we nu beter opsporen."

Behandelingen: almaar beter

  • "Ook al moeten we jammer genoeg bij sommige vrouwen toch overgaan tot een borstamputatie, toch is de chirurgie over het algemeen steeds minder 'verminkend'", merkt dr. Schillings op. "Daarbij is de opname voor deze interventies meestal erg kort, vaak moet je niet langer dan 24 uur in het ziekenhuis verblijven."
  • "Voor een vrouw met een genetische aanleg voor borstkanker, zijn er twee opties: ofwel laat ze haar beide borsten amputeren met daarbij een onmiddellijke reconstructie, een radicale keuze die in de Verenigde Staten gangbaar is geworden door de medisch-juridische druk; ofwel kiest ze voor een intensieve controle, om de zes maanden vanaf de leeftijd van 25 jaar. Dit laatste is psychisch niet makkelijk om te dragen, maar het beperkt het risico om aan borstkanker te overlijden tot minder dan 5 procent. In Europa kiest tweederde van de vrouwen voor die tweede optie."
  • Normaal gezien loopt de radiotherapie die voorzien is na de borstoperatie over vijf à zes weken, a rato van vijf bestralingen per week. "Maar voor een kleine tumor (kleiner dan 2 cm, één enkele haard, geen uitzaaiing in de okselklieren) kan ook een bestraling tijdens de ingreep zelf gebeuren: daarbij wordt het tumorbed twee à drie minuten bestraald, net na het wegnemen van de tumor en voor de huid weer gesloten wordt. Ook al moet die techniek op lange termijn nog geëvalueerd worden, voor de vrouwen bij wie het nu al toegepast kan worden, betekent het in ieder geval een grote tijdwinst!"
  • Aangezien de tumoren steeds vroeger opgespoord worden, is chemotherapie iets minder gangbaar dan vroeger, maar de bijwerkingen ervan - vermoeidheid, misselijkheid, haarverlies - zijn nog altijd even lastig. "Het goede nieuws is dat, bij twijfel over het nut van chemo, nu de genetische handtekening van een tumor bepaald kan worden, die het risico op herval verraadt en aangeeft of de betreffende tumor al dan niet op de therapie zal reageren. Minder positief is dat deze test weliswaar al terugbetaald wordt in de Verenigde Staten en Groot-Brittannië, maar nog niet in België, en dat hij meer dan 3000 euro kost!"
  • Immuuntherapie is een relatief nieuwe therapie die wordt gebruikt bij tumoren met veel NER2-NEU-eiwitten. Het medicijn Herceptine wordt daarvoor het vaakst gebruikt. De kans op herval daalt dan spectaculair bij vrouwen die een kanker hebben met een overexpressie van het eiwit HER-2/Neu, dat is één borstkanker op vier. "Vroeger waren dat 'gevaarlijke kankers' met een slechte prognose", merkt dr. Schillings op. "Door Herceptine is dit niet langer zo, het medicijn heeft de behandeling van 25 procent van de borstkankers dus revolutionair veranderd!"

Dé tendens? Focus op de vrouw, niet alleen op de ziekte

Voegen we hierbij nog de hormoontherapie, doeltreffender dan ooit dankzij de anti-oestrogenen van de tweede generatie, zoals de aromataseremmers, dan is het duidelijk dat er heel wat wapens tegen borstkanker bestaan en zo begrijpen we beter dat de kans op herstel tegenwoordig de 90 procent benadert. "Los van het medische aspect blijft borstkanker voor de vrouw die het ervaart echter op psychologisch, sociaal en familiaal vlak een ware aardbeving", benadrukt dr. Schillings. "Vandaar het belang van het pilootproject dat we in ons ziekenhuis hebben gelanceerd, nog een uniek gegeven in België: het herbronningshuis La Vie-là. Het is gebaseerd op de principes van de integratieve geneeskunde, waar niet alleen de ziekte zelf van belang is, maar de gezondheid van de persoon in brede zin. Dit huis biedt ondersteuning en een plek voor herbronning aan iedereen die voor kanker behandeld wordt, tijdens de behandeling en het daaropvolgende jaar. Oncologie is fundamenteel aan het veranderen," concludeert ze, "voor borstkanker én andere kankers, omdat we niet langer alleen focussen op de ziekte, maar we ook de persoon in haar totaliteit in acht beginnen te nemen." 

Nuttige adressen

 

Wil je graag meer te weten komen over borstkanker?
Bezoek dan onze pagina 'Over borstkanker'.

Bron: Marie-Françoise Dispa