20160624 Een Kind Na Borstkanker Het Kan

Een kind na borstkanker, het kan!

Na borstkanker

Kristel (41) en haar man Patrik (46) waren bewust kinderloos toen zij op haar vierendertigste borstkanker kreeg. Twee jaar na haar herstel kregen ze een zoontje, Victor (3,5). Een brokje puur geluk.

"Zonder mijn borstkanker was Viktor er nooit geweest. We zijn nu onafscheidelijk, als je mij ziet, zie je hem."

Kristel: "Ik zat tegenover mijn collega, toen ik plots pijn kreeg in mijn borst. Vreemd. Zoiets had ik nog nooit gevoeld. Op het toilet voelde ik heel duidelijk een klein knobbeltje zitten. Gelukkig werk ik bij een polykliniek en kon ik meteen naar een gynaecoloog. Die zei dat het wel iets met mijn regels te maken zou hebben. Ook de radioloog stelde me gerust: het was niets. Het gezwel was mooi rond zonder schaduw. Geen paniek dus. Voor de zekerheid werd er nog een punctie genomen. Louter een routinekwestie. Maar nog geen 24 uur later stortte mijn wereld in: bleek het toch niet goed te zijn... Ik hoorde het woord kanker en dacht meteen dat ik dood zou gaan. Die avond heb ik heel hard en lang gehuild, maar de volgende ochtend ben ik daarmee gestopt. Huilen zou niets oplossen en me ook niet genezen. Ik heb een hekel aan zelfmedelijden en wou niet zielig op de bank blijven liggen. Ons leven mocht niet on hold staan. We hebben er ook meteen openlijk over gesproken met onze vrienden."

Altijd zo gezond, en dan dít

"Iedereen reageerde stomverbaasd. Kristel, die supergezond at, triathlons deed, niet rookte of dronk, zelfs nooit mayonaise at... Die Kristel had borstkanker?! Helaas wel. Dikke, brute pech. Nog geen week later moest ik naar het ziekenhuis voor de operatie. Omdat ik kleine borsten heb, was een borstsparende operatie moeilijk en esthetisch waarschijnlijk niet zo mooi. De chirurg keek me aan en zei dat het beter was om te amputeren. Ik moest daar geen seconde over nadenken. Die borst was bijzaak en moest gewoon wég! Ik wou niet meer ziek zijn. Mijn man stond gelukkig helemaal achter mijn beslissing.

Na de operatie zou ik zes keer chemo krijgen. In het ziekenhuis vroegen ze of we in de toekomst nog aan kinderen wilden beginnen. Daar had ik zelf nog niet bij stilgestaan. Wist ik veel dat chemo een vernietigend effect kan hebben op je vruchtbaarheid? Al mijn vriendinnen waren op dat moment al mama, maar zelf had ik daar nooit behoefte aan gehad. "Kopen jullie maar kindjes in mijn plaats!" zei ik altijd. Patrik heeft wel een dochter uit zijn vorig huwelijk, maar voor ons was het een uitgemaakte zaak dat wij geen kinderen meer zouden krijgen. Ons leven verliep prima zoals het was. En toch. Als je plots voor zo'n keuze gesteld wordt, ga je toch twijfelen. We besloten het zekere voor het onzekere te nemen. Wie weet zouden we ooit nog van mening veranderen."

Het laatste beetje ijdelheid

"Met een paar inspuitingen werden mijn eierstokken lamgelegd tijdens de chemo, zo zouden ze beschermd blijven. Eigenlijk was die chemo puur preventief, want ik had geen uitzaaiingen. Mijn tumor was ook niet hormoongevoelig, waardoor ik na mijn genezing geen bijkomende hormonen meer moest slikken. Het was uiteraard een zware periode, maar weet je wat ik het ergst vond? Dat mijn haar zou uitvallen. Daar heb ik echt dagen van wakker gelegen. Toen ik de eerste plukken kon uittrekken, ben ik meteen naar de pruikenwinkel gegaan. Heel ouderwets eigenlijk, maar gelukkig wel intiem. Het oud madammeke dat daar werkt, heeft toen heel liefdevol mijn haar afgeschoren en een goede pruik voor me uitgekozen. Niemand heeft mijn kaal hoofd ooit gezien, enkel Patrik en één vriendin. Daar ben ik dan weer te ijdel voor (lacht).

Als ik nu terugkijk op die periode, moet ik toegeven dat dat niet de slechtste periode uit mijn leven was. Tussen de chemo's door probeerde ik te blijven bewegen. Ik kon nog gaan lopen en fietsen. Trager, maar ik sloot me tenminste niet op in huis. Ja, ik was misselijk, maar dat trok ook elke keer weer weg."

Groen licht van de dokter

"Het is pas toen ik officieel 'genezen' verklaard werd, dat de verwarring toesloeg. Je wordt als het ware losgelaten en moet het zelf maar zien te redden. Ik voelde me door het gebrek aan begeleiding plots niet meer veilig. Ik heb eventjes diep in de put gezeten... Maar toen werd het lente en scheen de zon weer. Stilaan groeide het idee dat we misschien wél een kindje wilden. Als je geconfronteerd wordt met je eigen sterfelijkheid, krijg je het gevoel dat je toch iets wilt nalaten. Uiteindelijk is het Patrik geweest die de knoop doorhakte en ik ging akkoord. Twee jaar na mijn genezing ging ik terug naar de dokter en ik kreeg groen licht. Twee jaar is namelijk een veiligheidsmarge die je moet inbouwen, wie hervalt doet dat meestal binnen deze periode. Ik had nooit gedacht dat ik effectief meteen zwanger zou worden, maar toch is het zo gegaan. De zwangerschap verliep helaas niet zo makkelijk. De eerste drie maanden was ik heel ongerust dat ik een miskraam zou krijgen en vanaf de zesde maand kwamen de 'harde buiken' opzetten. Daarnaast had ik verhoogde galzouten, die toxisch kunnen zijn voor het kindje."

Twee kilo puur geluk

"Ik heb heel veel moeten rusten en op 34 weken was het zo ver: ik overschreed de kritische grens van galzouten, een aandoening waarbij er een groot risico op vroeggeboorte of zelfs overlijden van de baby ontstaat. Mijn kind moest meteen geboren worden. De bevalling zou in gang worden gezet, maar op dat moment kreeg ik spontaan weeën. Victor was een kleintje en woog maar twee kilo, dus die bevalling was een makkie: slechts een beetje persen en hij was er al.

Voordat ik zelf moeder was, had ik vaak welomlijnde ideeën over opvoeding. Als ik andere moeders zag knoeien, was ik er zeker van dat het bij mij anders zou zijn. Totdat je zelf een kind krijgt natuurlijk. Ik heb veel moeten loslaten. Ik ben niet zo streng als ik gedacht had, maar een lieve, zachte mama die misschien wat te veel toelaat. Waarschijnlijk omdat ik zo veel heb meegemaakt. Victor en ik zijn twee handen op één buik, als je mij ziet, zie je hem. We zitten voortdurend in het bos of in de speeltuin. Het enige wat ik niet zo leuk vind, zijn rollenspellen. Victor zit in zijn Kabouter Plop-fase en dat is af en toe wel wat vermoeiend (lacht)."

Toch altijd een beetje angst

"Mijn ziekte heeft eigenlijk niet zo'n grote impact gehad op mijn relatie met Patrik. Misschien omdat ik me zo sterk heb kunnen houden? Waar ik nu wel mee worstel, is de angst om te hervallen. Elke controle opnieuw is het weer bang afwachten. Je bent nooit meer écht gerust. Het zorgeloze leventje van vroeger is verdwenen. Ik denk voortdurend: wát als het toch niet allemaal weg is? Stel dat ik herval? Je leest genoeg verhalen over jonge vrouwen mét kinderen die het niet halen. Ik ben er absoluut niet klaar voor om Victor achter te laten. Vorige week had ik pijn in mijn been. Iets onschuldigs, een stressfractuur. Maar dan slaat de paniek toch eventjes toe: stel dat het botkanker is? Ik kan gelukkig meer en meer loslaten en genieten van de kleine dingen. Victor zou er waarschijnlijk nooit gekomen zijn als ik geen kanker had gekregen. Hij is nu drie jaar en slaapt nog steeds in ons bed. Als ik dat vroeger hoorde van andere mensen, dacht ik dat ze zot waren. En kijk nu... We genieten zo lang we kunnen en als hij er eens niet is, missen we hem meteen."

Liever pijn dan siliconen

"Binnenkort gaan ze onderzoeken of ik erfelijk belast ben. Stel dat het zo is, dan loop ik een groot risico dat ik ook in mijn andere borst kanker krijg, of in mijn baarmoeder. Mocht het resultaat positief zijn, zal ik niet aarzelen en meteen ook mijn andere borst laten weghalen, samen met mijn baarmoeder en eierstokken. Bij de eerste amputatie heb ik een reconstructie laten doen met mijn eigen weefsel, dat zou ik dan opnieuw kunnen doen. Ook al is het geen lachertje geweest. Ik heb een gespierde, smalle buik en het was heel moeilijk om daar genoeg weefsel uit te kunnen snijden. Ik heb helse pijnen geleden, weken aan een stuk voorovergebogen gezeten. Al mijn spieren moesten terug uitrekken. En toch zou ik het opnieuw doen. Ik wil geen siliconen in mijn lijf. De reconstructie heeft me opgezadeld met grote littekens, maar ik voel me niet minder vrouw dan ervoor. Dat ik nu met littekens door het leven moet, is niet zo erg. Ik heb het overleefd en mijn gezin is intact. Dat is het belangrijkste."

Bron: Evelien Rutten

Doe een donatie

Donaties door particulieren gaan naar het Pink Ribbon Fonds, dat wordt beheerd door de Koning Boudewijnstichting.

Doneer

Deel je verhaal

Wil jij graag je verhaal posten op onze Pink Ribbon-website? Dat kan!

Schrijf mee

Word partner

Wil je als bedrijf Pink Ribbon steunen? Dat kan!

Word partner